Rondleiding Door Amsterdam

Reinier Meijer van Get Events leidt u door oud Amsterdam.

Karthuizerhof

Een ander goed verborgen schat is het Karthuizerhof. Het Karthuizerhof, ook wel het Huiszittenweduwenhof genoemd, bevindt zich in het hart van de Amsterdamse Jordaan en is gebouwd naar een ontwerp van de stadsbouwmeester Daniël Stalpaert.

Op de plek waar zich tegenwoordig het Karthuizerhof bevindt stond vanaf de 14e eeuw het  klooster St. Andries-ter-Zaliger-Haven. Dit klooster, dat door de Kartuizer monniken is gesticht, werd in 1566 helaas verwoest door de Geuzen als onderdeel van de ‘Alteratie woede’ die gedurende deze tijd in de Lage Landen heerste.

In 1649 besloten de toenmalige regenten van Amsterdam het stuk grond te kopen waar het klooster had gestaan en er een Huiszittenweduwenhof te bouwen.

Als je de Karthuizersstraat in komt lopen kan je de buitenkant van het Kartuizerhof al herkennen aan de kenmerkende houten witte was rekjes. Daarom werd deze straat in vroegere tijden ook wel het Droogstokkenstraatje genoemd.  Op de binnenplaats bevinden zich nog altijd de twee zeventiende-eeuwse waterpompen met bronzen spuiers in de vorm van een vissenkop en een mascaron.
Westelijke Eilanden Amsterdam

De Westelijke Eilanden zijn voor velen een nog onontgonnen gebied ten westen van het Centraal Station.
Door de opbloei van de Amsterdamse handel was er vanaf het einde van de 16e eeuw een grote behoefte naar nieuwe stukken land voor houtopslag en pakhuizen. Hout was in die tijd erg belangrijk,  hout werd in die tijd namelijk niet alleen gebruikt voor de huizenbouw maar ook voor de bouw van schepen. Tijdens de hoogtijdagen van de Gouden Eeuw werd er namelijk zo’n schip per dag gefabriceerd.

Door deze schaarste aan nieuwe stukken land werd er in 1614 overgegaan tot de aanleg van het Bickerseiland, het Prinseneiland en het Realeneiland.  Al snel stonden deze Westelijke Eilanden vol scheepswerven waar hout, vis, graan en zout werden opgeslagen

Vanaf de 19e eeuw werden de Westelijke Eilanden ook door kunstenaars opgemerkt, zo was Jacob Olie  een van de eerste fotografen die deze monumentale pakhuizen op de gevoelige plaat legde.
Lopend op deze Westelijke Eilanden krijg je een goed beeld van Amsterdam tijdens de Gouden Eeuw.

Zo bevindt zich hier behalve de vele gerenoveerde monumentale pakhuizen en scheepswerven ook  de smalste ophaalbrug van Amsterdam: de drie haringenbrug.

Advertenties

Oud Amsterdam

Kunt u de Kalverstraat wel dromen en heeft u de schaargeklede dames achter de roodverlichte ramen ook wel ‘ns een keertje gezien. Ga dan eens op zoek naar de goed verborgen pareltjes in de Amsterdamse binnenstad. En om u hiermee een beetje te helpen hebben wij alvast hieronder alvast een tipje van de sluier opgelicht.

Ons’ Lieve Heer op Solder.

Omdat katholieken na de Alteratie in 1578 hun geloof niet meer openlijk mochten belijden schoten de schuilkerken als paddenstoelen uit de grond.  Op de Oudezijds Voorburgwal nummer 40 bevindt zich zo’n voormalige schuilkerk: Ons’ Lieve Heer op Solder.

Ons’ Lieve Heer op Solder werd in 1661 gesticht door Jan Hartman. Deze kousenhandelaar kocht  het pand op de Oudezijds Voorburgwal nummer 40. Op de zolder van dit pand bouwde hij een rooms-katholieke schuilkerk voor zijn zoon, die voor priester studeerde.

Lang bleef deze schuilkelder niet geheim.  Al snel was het Amsterdamse stadsbestuur van het bestaan van deze schuilkerk op de hoogte, maar omdat Amsterdam in die tijd ook al als tolerant te boek stond werden  schuilkerken over het algemeen oogluikend toegestaan.

Ruim tweehonderd jaar heeft deze zolderkerk van Hartman als parochiekerk voor de binnenstad gediend. In 1887 werd de grote Sint-Nicolaaskerk tegenover het Centraal Station gewijd en verloor Ons’ Lieve Heer op Solder haar functie als parochiekerk. Op 28 april 1888, werd Ons’ Lieve Heer op Solder voor publiek opengesteld en daarmee is Ons’ Lieve Heer op Solder één van de oudste musea van Amsterdam.

De zolder en het woonhuis zijn in vrijwel authentieke staat bewaard gebleven en een bezoekje aan deze voormalige schuilkerk is zeker aan te raden.  Je waant je echt nog in het Amsterdam van de 17e eeuw.

Woonboot Museum.

Amsterdam staat bekend om zijn woonboten en heeft ze dan ook in alle soorten en maten. In de loop van de 20e eeuw verschenen de eerste woonboten op de grachten en tegenwoordig telt Amsterdam zo’n 2400 woonboten.

Op de Prinsengracht bevindt zich een wel hele bijzondere woonboot. Deze woonboot  de “Hendrika Maria” genaamd is namelijk het enige woonbootmuseum ter wereld.
Dit voormalig vrachtschip uit 1914 vervoerde tot ver in de jaren 60 zand en grind. Daarna werd het verbouwd tot woonboot, maar het originele scheepsuiterlijk bleef gelukkig behouden.
De “Hendrika Maria” is ruim twintig jaar bewoond geweest en aan boord gekomen krijgt u een goed beeld van het wonen op de Amsterdamse grachten en alles wat daarbij komt kijken.

De zwarte dood

Tegenwoordig leren wij dat de drie kruizen van Amsterdam staan voor heldhaftig, barmhartig en vastberaden, dit is onjuist. De Andreaskruizen staan voor de drie plagen die Amsterdam teisterde. De pest, water en brand.

Amsterdam is in zijn geschiedenis een aantal keer getroffen door dit dodelijke virus. In 1663 sloeg de zwarte dood het hevigst toe en moest meer dan 10% van de Amsterdammers dit bekopen met hun leven.

Tegenwoordig is de pest slechts een schim van een ver verleden en achten veel mensen de ziekte uitgeroeid, dit is een grote misvatting.

De kans op besmetting van mens op mens is erg laag maar zijn de vlooien die zich op ratten hebben gevoed zijn wel een bron van besmetting, evenals de ratten zelf. De slechte hygiënische situatie van een overbevolkte middeleeuwse stad is dus een ideale broedplek voor de pest.

Tot overmaat van ramp was Amsterdam een Havenstad. Aan boord van de handelsschepen waren altijd wel ratten aanwezig, hierdoor verspreidde de pest door heel Europa en zo was de pest naar alle waarschijnlijkheid overgeslagen naar Londen in 1665.

De gouden Eeuw

In eerste instantie stond de stad Amsterdam aan de kant van de Spaanse Koning tijdens de opstand tegen Spanje, maar omdat door deze stelling meer en meer de handel onder druk kwam te staan sloot Amsterdam zich uiteindelijk toch aan bij de opstand. Deze ommezwaai wordt ook wel de Alteratie genoemd.

De inname van Antwerpen door de Spanjaarden bood Amsterdam ongekende kansen. Door de blokkade van de Schelde door de Geuzen moest de handel uitwijken naar Amsterdam. Ook de Antwerpse en Portugese vluchtelingen brachten veel handel naar de havenstad.

Amsterdam werd de grootste aandeelhouder in de 1602 opgerichte VOC, de eerste NV ter wereld. En door de Beurs, de Wisselbank en de economische bedrijvigheid werd Amsterdam de financiële centrum van de wereld.

Stadsbrand

In 1421Image werd Amsterdam geteisterd door een grote stadsbrand. Huizen werden in der tijd van hout gebouwd en de daken waren bedekt met, zeer lichtontvlambaar, riet. In der tijd waren er buiten emmers water geen mogelijkheden om de brand te blussen.

Op de bewuste dag moet de wind ongustig hebben gestaan want het vuur greep snel om zich heen. Er was geen redden meer aan en alle huizen die benedenwinds lagen werden verwoest.

De stad werd weer kompleet opgebouwd, maar nog geen dertig jaar later sloeg het vuur weer toe. Na deze brand werd het bouwen van houten huizen verboden in de stad, de daken werden niet meer met riet maar met dakpannen bedekt. Alleen de houten huizen, het Aepjen op de Zeedijk en een huis in het begijnhofje zijn overgebleven.

Tot de grote brand

Rond 1300 telde Amsterdam nog zo’n 1.000 een eeuw later was dit aantal verdrievoudigd. Om de groeiende aantal inwoners te herbergen werd aan weerszijde van het damrak grachten gegraven en land ontgonnen voor bebouwing. Hier dankt de stadswijk de Wallen zijn naam ook aan.

De unieke ligging van Amsterdam maakte een de stad geschikt als handelsstad en de monding van de Amstel, nu het damrak, werd de eerste zeehaven van de stad, met het Rokin als binnenhaven.

Amsterdam werd na het Mirakel van Amsterdam ook het religieuze centrum van Holland. Amsterdam telde in die tijd maarliefst 20 kloosters en ook de oude en nieuwe kerk waren de grootste kerken van de stad.

Rond het jaar 1000 werd het drassige gebied rond de Amstel, de Aemstelle genoemd, stukje bij beetje ontgonnen. Door het aanleggen van slootjes werd het drassige land geschikt gemaakt voor akkerbouw. De veengrond was zeer vruchtbaar en door de verwijdering van het moeras verdwenen de malariamuggen langzaam maar zeker ontstond een gemeenschap van landontginners.

Als gevolg van de ontwatering klonk het veenlandschap in en moesten er dammen en dijken worden aangelegd. Aan de monding van de Amstel bij het Ei ontstond Amsterdam. In die tijd werd Amsterdam Aemstelledam genoemd. In recente opgravingen is een restant van deze oude dam tussen de bijenkorf en het Monument op de Dam.

Uit deze kleine nederzetting is de illustere stad Amsterdam ontstaan. De eerste keer dat de naam Amsterdam voorkwam in een officeel document is in oktober 27 oktober 1275, dit document gaf de Amsterdammers tolvrijheid. En rond 1300 werd Amsterdam stadsrechten toegekend.